Plusklasvco78
 
(Advertentie)
(Advertentie)

Schrijf je verhaal waarin alles anders gaat...

Gebruik de link hieronder: 

https://suzannewouda.nl/wp-content/uploads/2024/09/Het-land-van-Eigenwijs.pdf

Schrijf een spannend verhaal. Hoe je dat moet doen? Volg de stappen op deze website:

 

https://www.leer-actief.nl/verhalen/detective/detective.htm

 

Gebruik het werkblad "teken een kat".

 

Vouw een A4 papier twee keer dubbel. 

Maak 4 verschillende tekeningen. In elk vakje een kat. 

Kun je ook bedenken waar de kat leeft? Teken ook de achtergrond. 

Wat denk je dat in het stripverhaal moet staan? 

Je hebt hier het werkblad "stripverhaal" voor nodig. 

(Advertentie)

De rediermop

We gaan moppen tappen. Maar niet zomaar een mop, maar één die je zelf bedacht hebt. Hoe ga je dat doen?

 

Stap 1: Verzin een doelwit: Waar gaat je mop over? Doe dit de 1e keer over een rendier. Maar je kunt ook over jezelf, een beroemdheid of een bijzondere plek of situatie een mop verzinnen.

 

Stap 2: Maak de humor: Voeg iets heel absurds toe, bedenk iets raars of juist vies, verzin iets onverwachts, herhaal meerdere keren hetzelfde, bedenk iets zo stom dat het grappig wordt of zorg dat mensen zichzelf herkennen.

 

Stap 3: Lever de grap goed af: Bedenk aan wie je de mop vertelt en pas je woorden daarop aan. Houd het simpel en niet te lang. Oefen met timing (wanneer moet er een pauze in je verhaal?) en voeg zo nodig een woordgrapje toe. Vertel de mop aan anderen. Succesvol? Verzin er nog een. Nog niet zo goed gelukt? Verzin er nog een. Moppentappen is gewoon oefenen!

Zomer

Hoge duinen

Stappen naar beneden

Ik ren naar zee

Zwemmen

 

Een elfje is een gedicht dat bestaat uit elf woorden. Deze elf woorden staan op vijf regels.

 

Opdracht:

Schrijf een elfje. Je mag zelf bedenken waar het over gaat.

  • Bedenk een onderwerp waarover je een elfje wilt schrijven.
  • Schrijf alles op waar je aan denkt bij dit onderwerp. Gebruik steekwoorden.
  • Begin met regel 1. Voor deze regel kies je één woord: een kleur of eigenschap (lief, hard, zacht, enzovoort).
  • Schrijf regel 2. Beschrijf in twee woorden over wat of wie het elfje gaat.
  • Schrijf regel 3. Deze regel bestaat uit drie woorden. Schrijf minstens één werkwoord op deze regel.
  • Schrijf regel 4: Begin deze regel met 'ik'. Schrijf in deze regel over jezelf in verband met het voorwerp of de persoon.
  • Schrijf regel 5. Sluit af met één krachtig woord dat alle vorige regels 'samenvat'.
  • Lees je elfje een paar keer over. Heb je de beste woorden gebruikt of weet je mooiere, betere woorden? Verbeter je elfje tot je helemaal tevreden bent.
    Typ het over en print het uit.
  • Maak kleine tekeningetjes om je elfje die te maken hebben met het onderwerp van en de woorden in je elfje.

Dikke huisjesslak

ook jij beklimt de Fuji

- maar langzaam, langzaam

Issa (1763-1828)

 

Een haiku is een, van oorsprong Japans, natuurgedicht. Een haiku bestaat uit 17 lettergrepen die verdeeld zijn over drie dichtregels:

Regel 1: vijf lettergrepen

Regel 2: zeven lettergrepen

Regel 3: vijf lettergrepen

Een haiku gaat over de natuur (het is immers een natuurgedicht). Het gaat over iets dat je ziet en/of over het gevoel dat je daarbij krijgt.

 

Opdracht:

Schrijf een haiku over jouw lievelingsdier.

  • Bedenk eerst over welk dier jouw haiku moet gaan.
  • Maak een woordspin over dit dier. Beschrijf bewegingen, gedrag, uiterlijk, geur, enzovoort. Gebruik steekwoorden.
  • Zet op een kladblaadje, in drie regels, streepjes waar je de lettergrepen op kunt schrijven.
  • Begin met regel 1. Hierin noem je het dier. Doe dit in vijf letttergrepen.
  • Schrijf regel 2 in zeven lettergrepen en regel 3 in vijf lettergrepen. Omschrijf iets wat je kunt zien aan/van jouw dier of wat jij voelt. Gebruik de woorden uit je woordspin.
  • Lees je haiku een paar keer hardop door. Heb je precies genoeg lettergrepen? Klinkt het mooi? Vertelt het wat je wilt vertellen? Als je helemaal tevreden bent, typ je het over.
  • Zoek of maak een mooie foto van je dier en plaats deze achter je gedicht.
(Advertentie)
(Advertentie)

In de boxen hieronder zie je voorbeelden van vormgedichten.

 

Bij een vormgedicht is de vorm van het gedicht net zo belangrijk als de inhoud.

 

Opdracht:

Schrijf een vormgedicht.

  • Bedenk waar jouw gedicht over moet gaan. Dit moet iets zijn dat met jou te maken heeft; het project heet immers 'Selfie poëzie'. 
  • Teken de vorm heel dun met potlood.
    Maak het niet te moeilijk; kies voor een eenvoudige vorm. Dat is het mooist.
  • Bedenk woorden die te maken hebben met jouw onderwerp, maak een woordspin met deze woorden.
  • Kies de mooiste en de beste woorden uit. Schrijf deze met pen of stift op de potloodlijnen die je hebt getekend.
  • Als je klaar bent, gum je de potloodlijnen uit. Klaar is je vormgedicht!
  • Niet helemaal tevreden? Begin dan gewoon overnieuw en verbeter je werk, net zolang tot je wel tevreden bent.
   
(Advertentie)

Maak een prentenboek. 

Bedenk een dier dat op jou lijkt. Waarom is dit dier anders dan andere dieren? Hoe voelt het dier zich? 

Wat maakt het dier mee? 

Wat gaat er fout? 

Hoe lost het dier het op? 

Kijk zelf hieronder maar op deze site. Er staan hele leuke ideeen tussen. 

 

https://suzannewouda.nl/18-schrijfopdrachten-in-januari/